
Toen wijlen de heer Joseph Verstraete eind jaren 50 van de vorige eeuw neerstreek tussen enkele boerhoven vlakbij het kanaal leek er geen vuiltje aan de lucht. Het vatenkot kon met zijn activiteiten van start gaan, namelijke het recycleren en terug verkopen van metalen olievaten. Het was heel kleinschallig maar die vaten vielen toch wel op tussen de varkens en koeien die de buurt bevolkten.
Enkele jaren later werden in de Schaapbruggestraat heel wat nieuwe huizen gebouwd en jonge gezinnen deden hun intrede. Na een tijdje viel het sommigen onder hen op dat het er niet altijd even fris rook De schuldige werd rap gevonden en een petitie werd gestart tegen het Vatenkot dat toen nog “Verstraete en zoon” heette. De inwoners vingen na heel wat heen en weer gepalaver bot.

We zijn nu zowat 60 jaar verder in de tijd en blijkbaar is er niet veel veranderd. Wel veranderd is dat de boerhoven verdwenen zijn. De industrie is er enorm toegenomen zodat je moeilijk nog van platteland kan praten. Tussen al die bedrijven in heeft een boer een stuk land verkocht en de koper heeft het verkaveld. Allemaal nieuwe woningen met jonge gezinnen. Nu protesteren die mensen ook tegen de reuk- en lawaaihinder. Een protest werd ingediend bij het stadsbestuur maar die heeft hen doorverwezen naar de hogere overheid.
Een kort filmpje genomen van de plaats waar ik vroeger gewoond heb met mijn ouders. Het landelijke is duidelijk verdwenen. Het witte huis zal ook moeten plaats maken. Helemaal op het einde zie je de verkaveling van waaruit nu klachten komen tegen enkele bedrijven in de buurt. In feite niets nieuws onder de zon.
Dat het begin jaren 60 daar kon stinken wist ik al van kort na mijn geboorte. Dat het daar nu volop industrie geworden is kan een klein kind en straathond zien. Hoe het mogelijk is dat na al die jaren de mentaliteit bij het leveren van vergunningen blijkbaar nog niet echt veranderd is , God of klein pierke mogen het weten.
Ik ben blij dat ik er al jaren weg ben. Geen haar op mijn hoofd die er aan zou denken daar ooit een huis te bewonen op die verkaveling. Maar ja, wie ben ik ?
Groetjes.
🙂

















