Gisteren is Eva met een groepje naar de Zonnegloed getrokken. Geen commerciele zoo maar een opvangcentrum die beperkt de deuren opent voor het publiek.
Voor de challenge van satur9 ga ik even terug naar juni 1914
Aan de foto’s zou je kunnen denken dat we veel verder terug in de tijd gaan.
Toen was het fietspunt nog op zijn oude adres vlak naast een frituur. Het was Batjes, braderijen of hoe je het ook noemt en wij deden op onze manier mee.
Het wielermuseum zorgde voor de antieke fietsen, en wij deden de rest.
Was het een paar dagen geleden nog mooi zomers weer, nu zitten we in de gietende regen en gerommel daarboven.
Zo zijn mijn plannen voor vandaag ook min of meer in het water gevallen. Maar dat is niet erg als je vergelijkt hoe het er elders aan toegaat. Nieuwpoort zou al overlast hebben van het water. En bij de walen is het nog veel erger. Wie zal dat betalen ?
Willem Vermandere (Lauwe, 9 februari 1940) is een Vlaams kleinkunstenaar, schrijver, dichter, beeldhouwer, levensfilosoof, zanger, gitarist, basklarinettist en schilder.
Vermandere zingt steevast in zijn West-Vlaamse dialect. Zijn bekendste nummers zijn Klein ventje van Elverdinge, Lat mie maar lopen, Als ik zing, Blanche en zijn peird, Bange blankeman, Duizend soldaten, La Belle Rosselle en Ik plantte ne keer patatten.
In de jaren zestig werd Vermandere vooral bekend door zijn kleinkunstliedjes in het West-Vlaams over de dagelijkse dingen, zijn Westhoek en de verschrikkingen van de Grote Oorlog. Soms worden zijn liedjes kritisch over de maatschappij en de kerk. Zijn optredens zijn een afwisseling van luchtige en doodernstige, droevige en levenslustige liedjes en muziek en worden doorspekt met zijn typische spitse ‘vertellementen’.
In 1991 schreef Vermandere het lied “Bange Blanke Man”, een lied over multiculturaliteit. Veel aanhangers van de partij Vlaams Blok protesteerden tegen het nummer. Vermandere ontving dreigbrieven en tijdens de 11 juli-viering op de Brusselse Grote Markt in 1992 werd hij door Vlaams Blok-militanten met projectielen bekogeld.
Geniet van mijn streektaal en deze zondagavond als het tenminste nog zondagavond is als je dit leest.
Gits is een deelgemeente van Hooglede die op haar beurt dan weer een buurgemeente is van Roeselare. Dit alles dus in West-Vlaanderen, een provincie die van dat waterellende gespaard gebleven is.
Samen met de Muizen was ik er op bezoek, waarvan je het verslag hier kan lezen. Zowel op de heen- en terug zagen we dit “ding” niet ver van het centrum van Gits. We vonden het de moeite er een foto van te nemen.
Verder weet ik er niets over te zeggen. Wel leuk om zien.
Deze namiddag kreeg ik de vraag of ik me niet verveelde zo thuis zitten. Ik moest haar bekennen dat ik tijd tekort heb voor bepaalde zaken. Reageren op alle blogs valt daar ook onder. Nu het weer minder zal worden zal ik misschien meer binnen aan de PC kunnen zitten.
In elke godsdienst zit wel iets redelijks. Maar de kleine lettertjes deugen niet.
Er bestaan slechts twee universele dingen: waterstof en stupiditeit.
Als je seks wilt hebben, ga dan naar de universiteit. Als je een opleiding wilt, ga dan naar de bibliotheek.
Het leger moet mij niet verdedigen. Iemand moet het leger verdedigen tegen zichzelf.
Zo weten jullie weer iets meer over de zin en onzin van het leven en deze blog.
Voor de mensen van NL : 21 juli is de nationale feestdag in B. Denk er aan als je wil shoppen alhier. De kans dat je favoriete winkel dicht is, is groot.
Dit wordt een gezegende uitzending met eerst en vooral een geilige miss met den Louis en dan heb ik het niet over onze kater !
Als je geen Frans verstaat is dat niet erg want die pastoors vertellen overal dezelfde gein. Dan maar Freek de Jonge die beweert dat er leven na de dood is. T’s maar dat je het weet. Nonkel Juul zal nog nooit zo gerust gekakt hebben.
Volgende keer nog meer onzin op deze blog, musical nonsens als het ware.
Voor de challenge van satur9 heb ik deze foto van 7 september 2019 uit mijn archief gevist. Straatmuziekant in de Ooststraat, de drukste winkelstraat van Roeselare.
Altijd leuk als je even door het raam naar binnen kunt gluren ook al woont er blijkbaar niemand meer.
Deze foto nam ik toen ik langs een afbraak passeerde. Wat daar in de plaats zal komen weet ik niet, maar ik vermoed zoals steeds appartementen. Zo verandert de omgeving beetje bij beetje totdat er van het oude niets meer overblijft.