Het is zover : september is een feit. Dit betekent dat ik vanaf deze zondag verder ga met mijn euh “studie” over de progressieve rock. Wat voor rock dit dan ook moge wezen. Vandaag vergast ik jullie met een studie over Frank Zappa.

Een opmerkelijke figuur, dat is het minste wat je van hem kan zeggen. Hij creëerde met zijn muziek en universum op zich. Zijn debuutplaat was al bijzonder op zich. Niet alleen de muziek maar het feit dat hij van start ging met een dubbelaar was een rariteit in die dagen. Ik spreek dan over het jaar 1966. Freak out was het tweede dubbelalbum ooit. Het eerste staat op naam van Bob Dylan.
Enkele muzikanten waren bekenden in de progrockmilieu’s zoals Eddy Jobson, Terry Bozio en Chester Thompson die vaste drummer werd tijdens concerten van Genesis.
Zappa mengde op geheel eigen wijze rockmuziek met psychedelica, jazz, experimentele muziek en eigentijdse klassieke muziek gecombineerd met een grote dosis zelfspot, humor en performance-art.
Zappa was naast rockmuzikant ook een eigentijds klassiek componist. Wat zijn vroege werk betreft kwam dit naar voren in Lumpy Gravy (1967). Daarna bewoog hij zich een aantal jaren meer op jazz- resp. rockterrein, maar Orchestral Favorites (1979) en zijn beide platen met het London Symphony Orchestra (Vol. 1 (1983) en Vol. 2 (1987)) waren weer duidelijk modern-klassieke werken.
Zappa kan tot de belangrijkste componisten gerekend worden van de 2e helft van de 20e eeuw. Over zijn vocale kwaliteiten was Zappa minder tevreden. Zo stelde hij in een interview, dat wanneer hij auditie zou moeten doen voor zijn eigen band, hij niet zou worden aangenomen.
Als jullie dit overleefd hebben ga ik met jullie verder de muzikale toer op. Dit natuurlijk op zondag.
Fijne dag nog.
🙂






