In de Koornstraat te Roeselare werd deze mural aangebracht. Het stelt Albrecht Rodenbach voor en dit naar aanleiding van het Rodenbachjaar en de Rodenbachfeesten van afgelopen weekend.
De eerste Rodenbachfeesten in het centrum van Roeselare, in combinatie met autoloze zondag, waren een succes. Een overrompeling werd het niet, maar een nieuwe traditie in de Rodenbachstad lijkt geboren.
Rest mij nog jullie een fijne dinsdag te wensen en tot de volgende.
Het weekend zit er weer op. Heel wat viel door het weer letterlijk in het water. Hopelijk wordt deze week beter wat het weer betreft.
Reed ik zondagvoormiddag met Eva richting Kortrijk. Daar aangekomen vond ik geen parkeerplaats daar waar er anders altijd plaats genoeg is. Bleek dat het autoluwe zondag was en het centrum afgesloten voor alle verkeer. Dan maar eerst Eva afzetten op de bestemming en dan rondrijden tot ik een plaatsje vond voor de auto. Tenslotte vond ik er in een buurgemeente en kon zo’n 10 minuten stappen om bij Eva te geraken.
In de namiddag was het centrum van Roeselare ook verkeersvrij. Dus moest ik afspreken met Eva waar we elkaar zouden treffen nadat ze terug was van de gym.
Ik eindig met een foto van het wolkendek die ik nam op de parking van de Colruyt zaterdagavond.
Nu zien wat deze nieuwe week ons zal brengen. Hopelijk beter weer zoals ze voorspeld hebben.
Een aflevering over religieuze muziek op zondag zou nooit volledig zijn zonder deze Belgische inzending.
SÅ“ur Sourire (Frans voor ‘Zuster Glimlach’), artiestennaam van Jeanne Paule Marie (Jeannine) Deckers (Brussel, 17 oktober 1933 – Waver, 29 maart 1985), was een Belgisch kloosterzuster.
Ze was de dochter van een Brusselse bakker en werd een religieuze zuster in het dominicanerklooster in Fichermont, nabij Waterloo. Ze zong daar al regelmatig haar zelf gecomponeerde liedjes. Die werden zo goed ontvangen dat het klooster met het idee kwam om er een plaat van te laten persen die dan kon worden meegegeven aan bezoekers en novicen. In 1963 werd de plaat opgenomen in Brussel. Het lied Dominique over Dominicus Guzmán, de stichter van de dominicaanse orde, werd er door de mensen van Philips direct uitgepikt. Ze vroegen en kregen toestemming om het nummer als single op de markt te brengen, met een wereldhit tot gevolg.
Het stond zelfs enige tijd op de eerste plaats van de Amerikaanse hitparade en werd in veel verschillende talen gecoverd, zowel door Deckers zelf als door andere artiesten. Ook het album The Singing Nun haalde de eerste plaats van de Billboard charts. Dominique behaalde een Grammy Award in de categorie “Best Gospel Or Other Religious Recording (Musical)” en nog 2 andere nominaties plus een nominatie voor het album.
Zo zie je dat de wegen van de Heere ondoorgrondelijk zijn.
Laat ik mijn blogweek culinair afsluiten. Of je dit in het boek van Louis Paul Boon terug zult vinden betwijfel ik. Geef mij maar friet met stoofvlees.
Rest mij jullie een fijn weekend toe te wensen. We zien elkaar terug bij “Muziek op Zondag” met weer eens een vrome aflevering.
Onlangs zat ik wat te prutsen met papier en potlood. Ik had net een verhaal geschreven over een gebeurtenis in dat vreemde dorp. Ik wou dat ik er een tekening bij kom posten. Geen gestolen van het internet ofzo, maar eigen maak. Toen kreeg ik een inval. Geen idee of ik dat daadwerkelijk op papier kon krijgen. Even later had ik al resultaat :
Het verhaal rond deze tekening dient nog verder afgewerkt te worden. De tekening zal waarschijnlijk ook nog enkele aanpassingen hebben. Zo blijft men bezig tijdens deze regenachtige dagen.
Wees zo vrij om zelf iets te schrijven rond deze krabbel. Het kan alleen maar leuker worden.
Onze tuin begint van langs on meer op een kattenhotel te lijken. Vroeger kwam Kesha, het harige poesje van de buurvrouw even polsen hoe het met ons en de katten ging. Sedert enige tijd komt daar Seba bij. Seba, zo noemen we hem daar volgens Eva zijn naam op Sebastiaan lijkt, maar hoe die naam precies klinkt weet ze niet meer.
Gisteren dinsdag zag ik nog een poes in de tuin, boven op de compostbak om precies te zijn. Die lijkt op het eerste gezicht als twee druppels op Seba. Bij nader zien zijn er wel enkele verschillen en bovendien draagt die geen halsband.
Onze katten – Louis en Annabel – zijn er ferm gerust in en laten die katten toe in de tuin. Annabel zorgt er wel voor dat geen van de drie in onze living komt neuzen.
Zoals ik al eerder schreef : met katten in de buurt kan men zich niet vervelen.
Boon had een schrijfstijl die heel vlot te lezen is. Daarom alleen al houd ik van veel van zijn boeken. Zo ook dit boek dat oorspronkelijk in 1972 verscheen. In dit boek leer je veel over de eetgewoonten van de vlaming tussen pakweg 1920 en 1970.
Een goede raad van Boon : “Als je kookt, hoe arm of rijk je ook mag zijn, laat het dan op geen centje steken. Koop liever een paar panty’s minder, of draag er geen, en neem in ruil ervoor een kwart kilo echte boter van de boer.
In september gaat alles terug van start. Zo ook het dansen op zaterdag voor Eva. Altijd leuk voor haar om enkele bekenden terug te zien. Sommigen onder hen ziet ze ook in Opstap als tijdens haar tijdsbesteding.
De danslerares was onlangs getrouwd. Om deze heuglijke gebeurtenis nog eens met haar leerlingen te vieren had ze voor de gelegenheid haar huwelijksjurk nog eens aangetrokken. Dat vonden de dansers leuk.
Vandaag gaan we weer eens de religieuze toer op met de oude kraker uit 1971.
Put your hand in the hand is een lied geschreven door de Canadees Gene MacLellan (1938-1995). Het is een christelijke religieus lied in de stijl van countrymuziek met gospelachtige trekjes, voortgekomen uit de beweging van de “Jezus-hippies”
In 1971 nam de Canadese muziekgroep Ocean het nummer op. De titel werd zowel gebruikt voor hun debuutalbum, als voor hun debuutsingle. Het werd een klein wonder want het plaatje haalde de nummer 2-positie in de Billboard Hot 100 in 14 weken notering.
Eveneens in 1971 nam de Nederlandse band Himalaya met zangeres Patricia Paay het nummer op. Ondanks airplay van Radio Veronica bereikte het nummer slechts de tipparade.